Archief voor januari, 2011

Nieuwe facebookpagina

Blijf je graag op de hoogte van mijn activiteiten in het parlement en in het OCMW van Meise? Surf dan naar mijn nieuwe facebookpagina!

Klik op ‘Vind ik leuk’ en ontvang automatisch het laatste nieuws, bekijk mijn foto’s en video’s en zo veel meer.

Binnenkort komt er trouwens een gloednieuwe website aan! Hou sonjabecq.be dus goed in het oog!

24 januari 2011 at 7:16 pm Een reactie plaatsen

Wettelijk samenwonen is in Vlaanderen sterk ingeburgerd. Afschaffen is geen optie

Volksvertegenwoordiger Sonja BECQ ondervroeg Staatssecretaris Wathelet over het aantal contracten van wettelijke samenwoning en de ontbinding ervan.
Wat blijkt: steeds meer koppels kiezen voor het wettelijk samenwonen en – in tegenstelling tot wat vaak wordt aangenomen – kan niet zomaar worden aangenomen dat vreemdelingen hiervan massaal misbruik maken.

Op 1 januari 2000 trad de wet op de wettelijke samenwoning in werking. Hiermee wilde men een regeling treffen voor personen die niet wilden of konden huwen en hun feitelijk samenwonen enigszins verankeren. Het huwelijk als instelling stond immers niet meer zo hoog in aanzien als vroeger. Drie jaar later werd het huwelijk opengesteld voor partners van hetzelfde geslacht.

Ondertussen gingen zowel de wetgever als het Grondwettelijk Hof het wettelijk samenwonen steeds meer als een ‘huwelijk’ behandelen, door er op diverse domeinen gelijkaardige gevolgen aan te verlenen. Zo kwam er een gedeeltelijke gelijkschakeling voor wat betreft erfrecht, adoptie, pensioen, fiscaal recht, e.d.

Nochtans blijven er tussen het huwelijk en het wettelijk samenwonen verschillen bestaan waar mensen zich niet altijd bewust van zijn, bijvoorbeeld inzake erfrecht. Het wettelijk erfrecht van de langstlevende wettelijk samenwonende partner is beperkt tot het vruchtgebruik op de gezinswoning en de inboedel en is bovendien niet dwingend. Onterving via testament blijft mogelijk, iets wat bij een wettelijk huwelijk niet kan. De wettelijke samenwoning kan ook te allen tijde eenzijdig opgezegd worden, waardoor dit een ‘vals gevoel van veiligheid’ creëert. Omwille van deze reden – en ook omwille van mogelijk misbruik door vreemdelingen – pleiten sommigen ervoor om het wettelijk samenwonen af te schaffen.

Sonja BECQ verklaart: “Onderstaande cijfers tonen aan dat het wettelijk samenwonen, vooral in Vlaanderen, goed is ingeburgerd. Het is dus onze taak om ervoor te zorgen dat duidelijk is wat de ‘essentie’ van het wettelijk samenwonen uitmaakt, in vergelijking met het huwelijk én dat we samenwoners duidelijk informeren over de verschillen met het huwelijk om valse verwachtingen tegen te gaan.”

Wettelijk samenwonen populairder dan ooit

Het aantal afgesloten wettelijke samenwoningen is fors gestegen sinds 2004. Het totaal aantal contracten steeg van 9.365 in 2004 naar 33.781 in 2009 (+361%)! Zo is er een significante stijging tussen 2004-2005 van maar liefst 65%. De toenemende gelijkstelling met de voordelen die gehuwden genieten spelen hierbij wellicht een rol. Ook van 2006 naar 2007 is er een opvallende stijging met 43%. Mogelijk heeft dit te maken met de uitbreiding van het erfrecht voor de langstlevende wettelijke samenwoner. Deze stijging zet zich verder door in 2008 (tabel 1).

Uit de cijfers blijkt ook dat er grote regionale verschillen bestaan. Zo kent het wettelijk samenwonen in Vlaanderen de laatste jaren een veel groter succes dan in Wallonië (tabel 2). Nochtans stellen we vast dat er vooral in Vlaanderen stemmen opgaan om het wettelijk samenwonen af te schaffen!

Het stijgend aantal koppels dat wettelijk samenwoont brengt geen significante daling van het aantal huwelijken met zich mee

Het aantal huwelijken bleef in de voorbije jaren ongeveer stabiel. Het is dus duidelijk dat dit niet echt een alternatief voor het huwelijk is of het huwelijk verdringt. Het lijkt er eerder een aanvulling op te zijn als alternatief voor het feitelijk samenwonen (tabel 3).

Koppels van hetzelfde geslacht kiezen niet massaal voor wettelijk samenwonen

Hoewel het samenlevingscontract door velen aangehaald wordt als specifiek bedoeld voor koppels van hetzelfde geslacht blijkt dit niet uit de cijfers. In 2004 werd bijna 5% van de wettelijke samenwoningen gesloten door holebikoppels. Dit gaat in dalende lijn tot 3% in 2009 (tabel 4). Het percentage homohuwelijk ten opzichte van het totaal aantal huwelijken blijft over de periode 2004-2009 stabiel rond de 2,5% (tabel 5). Er is dus een duidelijk verschil tussen hetero- en holebikoppels wat betreft het succes van wettelijk samenwonen.

Minder ontbindingen van het wettelijk samenwonen dan echtscheidingen

In vergelijking met het aantal echtscheidingen wordt het wettelijk samenwonen veel minder ontbonden. Tien jaar na de inwerkingtreding stellen we vast dat per drie wettelijke samenwoningen, er één ontbonden wordt, terwijl dit aantal bij het huwelijk vier op drie bedraagt (tabel 6). Bovendien blijkt dat meer dan de helft van de ontbindingen gebeuren omwille van een huwelijk (tabel 7). Bijgevolg zouden we kunnen stellen dat wettelijk samenwonen in veel gevallen een overgangsperiode vormt naar een huwelijk.

Samenwonen tussen verwanten niet populair

De wet op het wettelijk samenwonen voorziet ook in de mogelijkheid voor verwanten (bv. broers of zussen, vader en zoon, enz.) om zich gezamenlijk te laten registreren. De bekende cijfers tonen echter aan dat het aantal familieleden dat hiervan gebruik maakt verwaarloosbaar klein is, namelijk zo’n 0,1%. Deze cijfers moeten met de nodige voorzichtigheid geïnterpreteerd worden, aangezien dit niet uitdrukkelijk wordt geregistreerd (tabel 8).

Samenwonen duurt gemiddeld 761 dagen

Het wettelijk samenwonen duurt gemiddeld 761 dagen, dus iets minder dan twee jaar. Opmerkelijk is dat er ook een klein aantal van de contracten na minder dan 14 dagen verbroken wordt. Zo waren er in 2009 maar liefst 90 overeenkomsten die op één dag werden gesloten én ontbonden! De overgrote meerderheid hiervan gebeurde in onderling akkoord.

Geen massaal misbruik door vreemdelingen

De roep om het wettelijk samenwonen af te schaffen is groot omdat vooral vreemdelingen hiervan misbruik zouden maken om een onbeperkte verblijfsvergunning te bekomen. Wie wettelijk samenwoont met een Belg kan namelijk sinds 1 juni 2007 een recht op onbeperkt verblijf in ons land krijgen.

De cijfers geven geen spectaculaire stijging aan van het aantal samenwoningen tussen een Belg en een vreemdeling. Tussen de periode 2004-2009 bleef het aantal samenlevingscontracten zelfs stabiel rond de 15%. Er kan dus geconcludeerd worden dat de stijging van het aantal wettelijke samenwoningen met een buitenlander gelijkloopt met de algemene stijging in het aantal afgesloten contracten (tabel 9).

In de hypothese dat het wettelijk samenwonen misbruikt wordt om een verblijfsvergunning te bekomen zou men kunnen verwachten dat de afgesloten overeenkomsten van deze groep meer ontbonden worden dan die tussen Belgen. Dit blijkt niet uit de cijfers. Het percentage ontbonden overeenkomsten tussen een Belg en een vreemdeling volgt de algemene stijgende trend. Ze zijn in elk geval niet spectaculair hoger te noemen. Op grond van deze cijfers kan men niet zomaar concluderen dat vreemdelingen massaal misbruik maken van het wettelijk samenwonen om zich permanent in België te vestigen (tabel 10).
w(wil u graag zicht op de tabellen, stuur een mailtje naar sonja.becq@dekamer.be )

21 januari 2011 at 4:46 pm Een reactie plaatsen


Welkom!


Sonja Becq heet u welkom!

Commissie justitie

Wat wordt er besproken en -vooral- gestemd in de commissie justitie? (link)
Niet alle ontwerpen of voorstellen die op de agenda staan worden immers ter zitting afgerond.
Hiermee wil ik bijdragen tot correcte informatieverspreiding.

Meest recente berichten

Fotoalbum

komaan, we vertrekken 24.5.2010 004

iedereen klaar. 24.5.2010 002

studie voor vertrek 25.6.2010

More Photos

Follow

Get every new post delivered to your Inbox.